Iets voor jou?

<< “You never, ever, ever, ever… EVER gonna learn music in a music school” –
Scott Henderson, opening VGS 2010 >>

“Wat is een goede leraar/ coach voor mij? ” – dat is een belangrijke vraag. Hoe goed je leraar ook is, je leert echt muziek te maken door veel te luisteren, solo’s uit te schrijven en veel op het podium te staan. Een goede leraar kan je proces uiteraard wel versnellen, wat betreft creativiteit, theorie op je instrument toepassen, uitleg, bewustwording en manier van studeren. Het gaat dus niet alleen om WAT je speelt, maar ook HOE je het speelt.

 


Tom en Luuk over Solfège & Theorie:

Tom en Luuk hebben afdeling A t/m D gevolgd, en hebben vervolgens een verdieping gedaan, waarbij we meer de diepte ingegaan zijn en cross verbanden hebben gelegd. Dit is hun verhaal, van hoe het begon tot terugkijkend op de hele cursus:

Tom – gitarist en producer (Audioscape)

Tom: “Hoe doen andere mensen dat dan?” Ik wist dat mijn kennis over mineur pentatoniek te kort schoot. Ik wilde graag solfège doen, omdat ik aanvoelde dat ik dit moest gaan doen. Het was de volgende stap in mijn muzikale ontwikkeling – ik moet dit nu gaan leren. Ik had er ooit wel een boekje over gelezen, maar daar had ik niets aan. Ik snapte het wel, maar ik zag het totaalplaatje niet, waardoor ik het niet ging toepassen. Ik was dus nieuwsgierig. Daarnaast wilde ik een eigen studio starten (audioscape), en dus was het een noodzaak. Twee goede vrienden van mij hadden, los van elkaar, deze cursus al gevolgd bij Vincent en waren daar erg positief over.

Luuk: Voor mij lag het iets anders. Ik wilde auditie gaan doen voor het conservatorium en solfège is dan een verplicht onderdeel van je toelating. Ik zocht op internet naar een solfège cursus in de buurt. Er was weinig te vinden. Ik zag dat Vincent zelf ook gitarist was. Ik wilde dat de theorie zou aan sluiten op gitaar. Langzamerhand werd het nut me duidelijker. Ik moest in het begin wennen aan de manier van denken, bijvoorbeeld dat een ‘f’ en ‘eis’ niet hetzelfde is. Het is alsof je een andere taal leert.

Luuk (links) – geluidstechnicus. Foto: Ron van Varik

Tom vervolgt daarop: Ik wilde het daarom koppelen aan mijn eigen ervaringen, het praktisch maken. Waar ik in de praktijk tegenaan liep, wilde ik met theorie verklaren. Anders doe ik er niets mee. Dan wordt het droge informatie. Ik merkte tegelijkertijd ook dat ik beter met andere muzikanten ging communiceren.

Luuk: Dat herken ik. Ook al pakte ik het snel op, als het droge informatie blijft weet ik niet wat ik er mee moet doen. Bij mij ging die overgang geleidelijk. Ik kreeg meer overzicht toen ik alle ‘eilandjes’ aan elkaar begon te verbinden. Ik had een eerste auditie gedaan en die had ik niet gehaald. Ik besloot de focus op mijn audities los te laten en het meer voor mezelf te doen. Ik begon meer vrijheid te voelen om het naar mijn eigen inzicht te buigen. Ik begon het minder als een verplichting te zien, waardoor het me ook minder energie kostte. Ik haalde er op die manier veel meer uit voor mezelf.

Tom: Ja, dat klopt. Ik weet nog dat Vincent zei: “zing eens intervallen, gewoon voor de lol”. Dat was een eye-opener voor me. Het gebeurt allemaal spelenderwijs. Ik kan me voorstellen dat als er, zoals bij Luuk, een auditie op het spel staat, dat je minder vrij, minder open bent.

Luuk: Ik heb ook gemerkt dat het me meer zekerheid gaf. Door hard te werken, veel te herhalen, werd ik comfortabeler. Ik kon terugvallen op een basis.

Tom: Dat hoor ik ook terug bij sommige van mijn helden. Daar voel je de noodzaak. Ook al hebben ze, bijvoorbeeld Lindsey Buckingham, nooit een theorieboek van binnen gezien. Pure wilskracht.

Luuk: Wat je doet, wil je goed doen. Iedereen bereikt dat op een andere manier.

Tom: Hierbij hoorde voor mij ook de realisatie dat theorie op een gegeven moment bevrijdend gaat werken in plaats van beperkend, omdat je, zoals Luuk ook zei, de taal beter gaat spreken en je er, na het snappen, ook creatief mee om kan gaan. Het geeft je dan meer mogelijkheden en tegelijkertijd meer houvast. (*)

Luuk: En dat doe je door het eerst bewust te leren, en dan onderbewust toe te passen. Kennis, vaardigheden en persoonlijkheid. Overzicht over je instrument hebben en daardoor ook kunnen vertrouwen in je vaardigheden. Zodat je extremere dingen kunt doen en in het diepe durft te springen.

Tom en Luuk: de cursus is gericht op het creatieve. Bij anderen is de focus op alleen theorie, zo van ‘zo moet het’, ‘zo hoort het’. De manier van lesgeven is fijn. Het is aan jezelf hoe je het toepast. Het gaat echt over muziek. Je leert er tools, vaardigheden die we zullen blijven gebruiken.

(*) Ik (Vincent) wil daar graag iets aan toevoegen. Allereerst ben ik blij en (wellicht wat ongepast, omdat het hun verdienste is tenslotte) trots op wat Luuk en Tom hier zeggen – ze zijn in staat om heel precies te verwoorden waar het om gaat. En dat is een belangrijke stap naar vakmanschap! Dat realiseerde ik me eerder tijdens dit interview, dat we met elkaar deden. Allertweetst wil ik in dit verband een voorbeeld aandragen buiten de muziek om: Van Kooten en De Bie, beiden Neerlandicus en in die hoedanigheid kennen zij ‘de regels’, de grammatica van de Nederlandse taal. Klik op de link en let op hoe ze spelen met de taal – iets dat je alleen kunt doen, als je de taal meester bent.

Lees meer

 


 

Ik ben meer coach dan leraar: jij gaat je eigen weg en ik loop met je mee. Ik vind het belangrijk dat er een goede klik is tussen ons – gitaar leren spelen kost je namelijk tijd, energie, wellicht ook een beetje frustratie en geld. Ik wil ook weten wat je wilt leren, als je besluit bij mij les te nemen. Ik heb geen zogenaamde “dubbele agenda” – het allerbelangrijkste is dat jij een voor jou goede leraar of  lerares vindt.

Ik geef naast gitaarles ook theorie- en solfège les en bandcoaching.